Vorige week ____ we ____ Waterloo geweest. We zijn ____ het oorlogsmonument van de slag bij Waterloo gegaan. We ____ een wandeling gemaakt ____ de slagvelden. Als je ____ ____ : "Vond je het leuk?", dan ____ ____ :"Ja, het was indrukwekkend." Een prinses?? ____ ____ je het ____ ? O, een film. Daar komt een prinses ____ ____. Oooh, die serie moet je echt kijken! Hij ____ ____ B&B-eigenaren, die ____ zoek zijn ____ de liefde. We waren ____ plan ____ een week te blijven, maar ____ plaats van 7 dagen, zijn we ____ 2 dagen gebleven. ____ dag 3 zijn we vertrokken ____ de volgende bestemming. Wie is Kees? Dat is de jongen, ____ ik het gister ____, weet je nog? Uhm, nee? Is dat die jongen, die ____ een fles whisky vroeg? Nee, die jongen met de rode auto. Oh, ja, die auto, ____ ik ook in heb gereden. You want me to be in charge of the interior design?? I didn't see this coming. Yes, are you prepared to do that? Wil je dat ik de leiding neem over het 'interior design'?? Daar was ik niet op ____. Ja, ben je ____ dat te doen? Je heb je eigen huis ook zo mooi ____ ! Ik vind alle bloemen mooi, ____ gerbera's; die zijn zo plastic, bah! Maar verder houd ik enorm van bloemen, ____ van rozen, ____ ze roze zijn; andere kleuren koop ik niet, ____ ze echt heel veel goedkoper zijn. Woorden zijn vaak makkelijker te begrijpen in zinsverband; als ze ____ staan, mis je de context. Daarom is het altijd beter om woorden te leren ____ een leestekst. Wat is het ____ van het artikel, dat je leest? Nou, het gaat over het ____ van de stormvloedkering. Dat zit heel ingenieus in elkaar; erg interessant! Huh? Wat is de ____ voor jou om daarover te lezen? Nou gewoon, ik zag het staan in de krant. We zijn ____ plan ____ volgend jaar een reis naar Amerika te maken. En we zijn nu ____ plannen ____ het maken. Ik wil graag iets vertellen over de ____ vakantie, maar ik ____ niet zeker ____ ik de 'past tense' moet maken. Heb je dat nog niet geleerd? Jawel, maar ik ____ niet zeker ____ mezelf. Deze oefening was erg moeilijk. ____ ____ ____ ____ ____ ____ ____ ____.

Martha 6/8 verbs & prepositions

by

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?