de afslag - Een plek waar je van de grote weg af rijdt, een andere weg op., de bestuurder - Een persoon die stuurt., dwalen - Zomaar rondlopen of rijden. Je weet niet waar je heen gaat., de kruising - Een plek waar twee wegen elkaar tegenkomen. De wegen lopen door elkaar heen., linksaf - Naar de linkerkant. Dat is die kant: ←, rechtsaf - Naar de rechterkant. Dat is die kant: →, de richting - Naar een bepaalde kant, de rotonde - Een paar wegen die uitkomen op een ronde weg. Je kunt er afslaan naar andere wegen, de routebeschrijving - Hierop staat hoe je moet rijden om ergens te komen., de wegwijzer - Een bord langs de weg. Er staat op waar die weg naartoe gaat en hoe ver het nog is.,

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?