beslissen - Bedenken en kiezen wat je gaat doen., opgewekt - Vrolijk, blij., opgewonden - Druk en onrustig., overleggen - Samen praten over wat er moet gebeuren., de score - Het aantal punten dat je haalt bij een spel of wedstrijd., sip - Een beetje verdrietig., de spelregel - Een afspraak die bij een spel hoort., teleurgesteld - Iets is minder leuk dan je dacht. Je bent een beetje verdrietig., uitpraten - Een ruzie goedmaken door er samen over te praten., vals spelen - Je niet aan de afspraken houden bij een spel of een wedstrijd.,

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?